De Wet toekomst pensioenen (Wtp) is in de uitvoeringsfase. Voor hypotheek- en financieel planners is vooral van belang wanneer de pensioenregeling van een klant overgaat en wat dat voor de pensioenoverzichten betekent. Voor de inhoud van de Wtp zie k45 en k80.
De planning (primaire bronnen)
- Alle pensioenregelingen moeten uiterlijk 1 januari 2028 over zijn naar het nieuwe stelsel. Die datum is eerder met een jaar verschoven; het kabinet ziet geen reden voor verder uitstel.
- Volgens de planning bij DNB en Rijksoverheid gaan de meeste fondsen over in golven: de grootste groep per 1 januari 2027, gevolgd door een kleinere groep per 1 juli 2027 en een laatste groep per 1 januari 2028.
- Per 1 januari 2026 is al een grote groep deelnemers overgegaan.
Verschil in bronnen: VVP noemde voor 1 januari 2026 een lager aantal fondsen dan de eerdere planning van DNB. Dat komt doordat de planning vooruitkijkt en sommige fondsen hun overstap later zetten. Gebruik voor een concrete klant altijd de communicatie van diens eigen fonds.
Verzekerde regelingen en werkgevers lopen achter
- Volgens VVP was begin 2026 pas ongeveer een derde van de regelingen bij verzekeraars en PPI's omgezet of opnieuw afgesproken.
- Volgens InFinance verwachten verzekeraars dat eind 2026 nog niet de helft van de verzekerde contracten is omgezet, zodat de rest in 2027 moet volgen.
- Werkgevers die niet tijdig naar een Wtp-conforme premieregeling gaan, lopen volgens de vakpers risico's voor de opbouw van hun werknemers. (Cijfers niet geverifieerd bij DNB of AFM.)
Voor adviseurs met zakelijke klanten ligt hier werk: werkgevers met een verzekerde regeling moeten een transitieplan, instemming van de werknemers(vertegenwoordiging) en een nieuw contract regelen.
Wat betekent dit voor particuliere klanten?
- Pensioenoverzichten kunnen na de overgang anders uitvallen. Neem in je dossier op welke regeling de klant heeft en wanneer die overgaat. Plan een herberekening zodra het nieuwe overzicht er is.
- In het nieuwe stelsel is de uitkering variabeler. Dat telt mee in de toets voor een hypotheek die doorloopt na de AOW-leeftijd (zie k202).
- Bedrag ineens: vanaf 1 januari 2029 kan maximaal 10% van het ouderdomspensioen ineens worden opgenomen (zie k120).
- De jaarruimte voor lijfrente is sinds 2023 hoger (30% van de premiegrondslag). Volgens VVP kent ongeveer de helft van de zelfstandigen het begrip jaarruimte niet. Zie k208.
Communicatie
De AFM noemt zorgvuldige communicatie rond de pensioentransitie als prioriteit in haar Agenda 2026. Ben je adviseur bij een werkgever of deelnemer: zorg dat je uitleg over de transitie klopt met de communicatie van het fonds of de verzekeraar, en geef geen garanties over uitkomsten.
Bronnen en verder lezen
- Rijksoverheid en DNB: planning, uiterste datum en transitienieuws (primaire bronnen).
- Belastingdienst: jaarruimte lijfrente.
- VVP: verzekerde regelingen, voortgang transitie, rol van verzekeraars en adviseurs.
- InFinance: werkgevers lopen achter.
- De links staan onder dit artikel. Peildatum 3 oktober 2026.
Let op
Concept. Aantallen fondsen en percentages veranderen per kwartaal. Gebruik de actuele kwartaalupdate van DNB.
Bronnen en links
- Rijksoverheid: Overgang naar nieuwe pensioenstelsel
- Rijksoverheid: Voldoende tijd voor overgang naar nieuw pensioenstelsel (december 2025)
- DNB: Transitienieuws kwartaalupdate
- DNB: Lessen uit invaarbeoordelingen Wtp
- VVP: Verzekerde regelingen blijven achter in Wtp-transitie
- InFinance: Werkgevers lopen achter bij pensioentransitie
- VVP: Pensioentransitie in volle gang
- VVP: Voldoende tijd voor overgang naar nieuw pensioenstelsel
- VVP: Wtp, verzekeraars en adviseurs moeten aan de slag
- Belastingdienst: Aftrekken lijfrentepremies