Naar de inhoud
ADVIESFORUM
Voor en door financieel adviseurs

Fiscaal na Prinsjesdag 2026: overdrachtsbelasting, box 3 en de 30-jaarstermijn

Fiscaal · Gepubliceerd 3 oktober 2026 · Peildatum 3 oktober 2026 · Herzien vóór 3 januari 2027

Concept – nog niet gecontroleerd door compliance

Op Prinsjesdag (15 september 2026) presenteerde het kabinet het Belastingplan 2027. De vakpers vatte de gevolgen voor adviseurs samen; de kernboodschap in InFinance: adviseer in scenario's, niet in uitkomsten. Dit artikel zet de punten op een rij die voor hypotheek- en vermogensadvies het meest tellen. Voor het bredere wetgevingsoverzicht zie k120.

Overdrachtsbelasting

  • Voorstel: het tarief voor woningen die de koper niet zelf gaat bewonen (bijvoorbeeld verhuur of een tweede woning) daalt per 1 januari 2027 van 8% naar 7% (Rijksoverheid). Het kabinet wil zo de verhuur van woningen stimuleren.
  • Het tarief van 2% voor een eigen woning en de startersvrijstelling blijven volgens de vakpers ongewijzigd.
  • Dit is een voorstel. Het geldt pas als het parlement het Belastingplan aanneemt (stemming in de Eerste Kamer gebruikelijk in december). Zie ook k91.

Box 3

  • De Wet werkelijk rendement box 3 is op 12 februari 2026 door de Tweede Kamer aangenomen. De Eerste Kamer heeft de stemming op 30 juni 2026 aangehouden, in afwachting van een door het kabinet aangekondigde wijziging (novelle). Het kabinet mikt op invoering per 1 januari 2028, maar dat staat niet vast.
  • Het regeerakkoord wil het stelsel verder richting een vermogenswinstbelasting ontwikkelen. In de vakpers gaat het over het verschil tussen een vermogensaanwasbelasting (ook ongerealiseerde waardestijging belast) en een vermogenswinstbelasting (pas belast bij verkoop).
  • Tot de nieuwe wet geldt blijft box 3 forfaitair, met de tegenbewijsregeling.
  • Over de hoogte van het heffingsvrij vermogen in 2027 gaven de vakpers en de zoekresultaten tegenstrijdige signalen. Gebruik alleen het bedrag uit de definitieve wet of de Belastingdienst.

De 30-jaarstermijn van de hypotheekrenteaftrek

  • Voor eigenwoningschulden die al bestonden op 1 januari 2001 loopt de maximale aftrekperiode van 30 jaar af op 1 januari 2031. Daarna is de rente over die schuld niet meer aftrekbaar.
  • Volgens InFinance en VVP brengt een ambtelijk rapport meerdere beleidsrichtingen in kaart, variërend van niets doen tot overgangsrecht voor wie vóór 2031 gaat aflossen en uitstel. De Miljoenennota 2027 bevat volgens VVP nog geen besluit. (Het rapport is niet apart op rijksoverheid.nl geverifieerd.)
  • Brancheverenigingen pleiten ervoor adviseurs bij de uitwerking te betrekken.

Voor je advies: inventariseer welke klanten een (deel van hun) eigenwoningschuld van vóór 2001 hebben. Breng de looptijd van de renteaftrek per leningdeel in kaart (zie k21) en bespreek wat 2031 betekent voor de netto woonlasten. Reken met de huidige regels en noem mogelijke wijzigingen als scenario.

Bronnen en verder lezen

  • Rijksoverheid: Prinsjesdag 2026, Belastingplanstukken, plan overdrachtsbelasting, box 3-tijdlijn en hypotheekrenteaftrek; Eerste Kamer: wetsvoorstel 36.748 en het aanhouden van de stemming (primaire bronnen).
  • InFinance: adviseren in scenario's, Prinsjesdagoverzicht, rapport 30-jaarstermijn, rol hypotheekadviseurs.
  • VVP: Miljoenennota en de 30-jaarstermijn.
  • De links staan onder dit artikel. Peildatum 3 oktober 2026.

Let op

Concept. Belastingplanvoorstellen kunnen bij de parlementaire behandeling veranderen. Fiscale bedragen voor 2027 pas gebruiken als ze definitief zijn.

Bronnen en links

Open in het forum

Specialist in dit onderwerp?

Claim dit artikel als Kennispartner van het Adviesforum: je naam en kantoor staan dan bij het artikel en je krijgt een badge voor je website en LinkedIn.

Collegiale kennisdeling tussen financieel adviseurs, geen advies aan klanten of consumenten. Controleer altijd de actuele bron voordat je iets in een dossier gebruikt.