Sinds augustus 2022 moet je bij beleggingsadvies en bij advies over verzekeringen met een beleggingscomponent actief vragen naar de duurzaamheidsvoorkeuren van de klant. Dat volgt uit aanpassingen van MiFID II en de IDD. De SFDR bepaalt welke informatie aanbieders over duurzaamheid geven.
Wat zijn duurzaamheidsvoorkeuren?
De Europese regels geven de klant drie soorten keuzes, die hij ook kan combineren:
- een minimumaandeel beleggingen die in lijn zijn met de EU-taxonomie (ecologisch duurzame activiteiten);
- een minimumaandeel duurzame beleggingen in de zin van de SFDR;
- dat het product rekening houdt met de belangrijkste ongunstige effecten op duurzaamheid (principal adverse impacts, PAI), en welke.
Een klant mag ook aangeven geen duurzaamheidsvoorkeur te hebben.
Hoe vraag je ernaar?
- Vraag er pas naar nadat de rest van het klantprofiel is vastgesteld (zie k291). Duurzaamheid komt bovenop de financiële geschiktheid, niet in de plaats ervan.
- Leg in begrijpelijke taal uit wat de keuzes betekenen. De AFM benadrukt dat je goed doorvraagt en de klant niet stuurt richting een bepaalde voorkeur.
- Vraag naar concrete wensen (bijvoorbeeld uitsluiting van bepaalde sectoren) en kijk of die bij de beschikbare producten passen.
Wat als geen product past?
Als geen product past bij de duurzaamheidsvoorkeuren, mag je volgens de ESMA-richtsnoeren de klant de keuze geven zijn voorkeuren voor dit advies aan te passen. Dat moet een eigen keuze van de klant zijn, je legt het vast en je licht het toe in de geschiktheidsverklaring.
SFDR in het kort
- De SFDR (Verordening (EU) 2019/2088) verplicht financiële marktdeelnemers en adviseurs tot transparantie over duurzaamheidsrisico's en duurzaamheidskenmerken.
- Producten worden in de praktijk vaak aangeduid als artikel 8 (promoot ecologische of sociale kenmerken) of artikel 9 (heeft duurzame belegging als doel). Dat zijn transparantiecategorieën, geen keurmerk.
- Ook een adviseur die over beleggingsverzekeringen of beleggingsproducten adviseert, kan onder de SFDR-informatieplichten vallen, bijvoorbeeld over hoe duurzaamheidsrisico's in het advies worden meegenomen. Controleer wat voor jouw kantoor geldt.
Greenwashing voorkomen
- Noem een product niet duurzaam op basis van de naam alleen. Gebruik de precontractuele informatie van de aanbieder.
- Wees voorzichtig in reclame en op social media (zie k160).
Let op
Concept. AFM-relevant: de SFDR wordt op Europees niveau herzien; de categorieën en definities kunnen veranderen. Controleer de actuele stand bij de AFM en ESMA voordat je in je advies of je communicatie naar SFDR-categorieën verwijst.