In k104 staan twee eerdere ORV-zaken (2025-0635 en 2023-0898). Inmiddels zijn er nieuwe uitspraken, waaronder een van de Commissie van Beroep. Ze laten zien hoe Kifid omgaat met misverstanden over de vraag of een ORV is gesloten, en wat er van een adviseur wordt verwacht bij overgenomen polissen.
Uitspraak 2026-0038 (Commissie van Beroep, 6 juli 2026)
- Feiten: een stel kocht eind 2017 een eerste woning. De gewenste ORV kwam niet tot stand. De partner van de consument overleed in oktober 2024.
- Oordeel van de Geschillencommissie, bevestigd in beroep: de tussenpersoon schond zijn zorgplicht. Hij had de klant moeten laten weten dat het advies op een belangrijk punt was gewijzigd en had als professionele partij moeten nagaan of het stel elders een ORV had gesloten, om misverstanden te voorkomen. De schade werd vastgesteld op circa € 97.376. Twintig procent bleef voor rekening van de consument vanwege eigen schuld.
- Les: als een ORV onderdeel is van het advies, controleer je dat de polis echt ingaat, of leg je schriftelijk vast dat de klant hem zelf regelt. Een gewijzigd advies meld je expliciet.
Uitspraak 2025-1011 (Geschillencommissie, 15 december 2025, niet-bindend)
- Feiten: in 2021 bespraken consumenten met hun adviseur de dekking van het overlijdensrisico. In het adviesrapport stond ten onrechte dat er al een ORV was gesloten.
- Oordeel: de fout in het rapport stond vast, maar onder de omstandigheden van dit geval mocht de consument daar niet op vertrouwen. Klacht ongegrond, vordering afgewezen.
- Les: de uitkomst viel hier gunstig uit voor de adviseur, maar een onjuist rapport is altijd een risico. Controleer of de feiten in je rapport (welke polissen lopen er al?) kloppen met de stukken.
Uitspraak 2025-0781 (Geschillencommissie, 2 oktober 2025): overgenomen uitvaartpolissen
- Feiten: een tussenpersoon nam eind 2018 het beheer van uitvaartverzekeringen over. Al in 2009 had de verzekeraar een brief over onderverzekering gestuurd, maar die was naar een oud adres gegaan. De tussenpersoon onderzocht na de overname niet of de polissen nog passend waren.
- Oordeel: een tussenpersoon moet periodiek nagaan of de verzekeringen van zijn klanten nog passen, ook bij een overgenomen portefeuille. Die klacht was gegrond. Schade stond echter niet vast: het premieverschil was beperkt en de klant had geen aanvullende dekking gesloten. Vordering afgewezen.
- Les: na de overname van een portefeuille hoort binnen redelijke tijd een toets op passendheid, juist bij uitvaart- en levenpolissen waar onderverzekering sluipend ontstaat.
Uitspraak 2025-0096 (Geschillencommissie, 7 februari 2025): mededelingsplicht bij uitvaart
- Feiten: een familielid sloot in september 2022 een uitvaartverzekering en overleed in 2023 aan hartfalen. In de gezondheidsverklaring was alleen diabetes vermeld, niet een hoge bloeddruk en nierproblemen.
- Oordeel: de mededelingsplicht was geschonden en er was een causaal verband met de doodsoorzaak. De verzekeraar mocht uitkering weigeren. Vordering afgewezen.
- Les: ook bij kleine uitvaartpolissen kan een onvolledige gezondheidsverklaring tot volledige weigering leiden. Wijs klanten daarop, zeker bij ouderen met meerdere aandoeningen.
Wat leg je vast
- Per adviestraject: welke risicoverzekeringen er lopen (met polisnummer), welke nieuw worden gesloten en wanneer je de ingangsbevestiging hebt gezien.
- Bij gewijzigd advies: wat er veranderde en dat je dit aan de klant hebt gemeld.
- Bij overname van klanten of een portefeuille: een plan en een datum voor de passendheidstoets per polis.
- Bij een gezondheidsverklaring: dat je de klant op de mededelingsplicht hebt gewezen (zie ook k109).