In de markt lopen wettelijke diploma's en vrijwillige titels vaak door elkaar. Voor klant en kantoor is het belangrijk dat je het verschil scherp hebt.
Het wettelijke kader: Wft-vakbekwaamheid
- Wie adviseert over hypothecair krediet, moet het Wft-diploma Adviseur Hypothecair Krediet hebben (naast het basisdiploma waar dat geldt).
- Dat diploma moet je actueel houden via de wettelijke permanente educatie.
- Dit is een minimumeis. Zonder geldig diploma mag je niet adviseren, met of zonder titel.
Vrijwillige titels en registers
- SEH Erkend Financieel Adviseur (SEH): bovenop het Wft-diploma, met assessment, beroepscode en jaarlijkse SEH PE.
- Erkend Hypothecair Planner (NVHP): op basis van de Leergang Hypothecair Planner.
- Titels van FFP voor financieel planners.
Ze hebben gemeen dat een private organisatie de eisen stelt, een register bijhoudt en kan ingrijpen bij wie niet meer voldoet. SEH zegt het zelf ook: erkenning is geen verplichting, maar een bewuste keuze voor kwaliteit.
Wat een titel de klant wel en niet zegt
- Wel: de adviseur heeft vrijwillig een extra toets gehaald, houdt zijn kennis bij via een extra PE-programma en heeft een beroepscode met tuchtrecht onderschreven.
- Niet: dat het product of het advies in een concreet geval juist is, dat het kantoor onafhankelijk is, of dat het kantoor een vergunning heeft. Dat laatste controleer je in het AFM-register.
Onafhankelijk advies is iets anders
In 2019 schreef de minister van Financiën aan de Tweede Kamer dat hij drie soorten adviseurs zag: de verkoopadviseur bij een bank of verzekeraar, de onafhankelijke adviseur en de volledig onafhankelijke adviseur. Het voornemen was om onafhankelijk advies wettelijk af te bakenen. Een SEH-titel zegt niets over onafhankelijkheid. Of en hoe dit voornemen is uitgewerkt, moet je bij de AFM of in de actuele wetgeving nagaan.