Gemeenschappelijke uitgangspunten
%
Rendement op het uitgekeerde kapitaal; bepaalt de contante waarde.
€
%
Voor de aflossingsberekening rekenen we annuïtair.
Rekenwijze: maandtekort = (woonlasten + overige uitgaven) − (eigen inkomen + nabestaandenpensioen + Anw). Benodigd kapitaal = contante waarde van het maandtekort over de periode, maandelijks achteraf, maandrente = rekenrente / 12:
Kapitaal = tekort × (1 − (1 + i)−n) / i met i = rekenrente / 12 en n = jaren × 12
Alternatief: het bedrag waarmee de hypotheek wordt afgelost zodat de annuïtaire maandlast precies met het tekort daalt = tekort × (1 − (1 + j)−m) / j, met j = hypotheekrente / 12 en m = resterende looptijd in maanden. Vereenvoudiging: we verlagen de woonlasten met het volledige tekort en houden geen rekening met wijzigend fiscaal voordeel of boeterente.Scenario A: overlijden van partner A nabestaande: partner B
Netto inkomen nabestaande per maand
€
€
Uit het pensioenoverzicht (partner- en wezenpensioen).
€
Alleen onder voorwaarden (o.a. kind jonger dan 18 of arbeidsongeschikt) en inkomensafhankelijk. Standaard 0: controleer de actuele waarde (UWV/SVB).
Uitgaven per maand
€
Netto maandlast hypotheek (incl. fiscaal effect) of huur.
€
Levensonderhoud, kinderen, auto, verzekeringen.
Bijv. tot kinderen zelfstandig zijn of tot de AOW-leeftijd.
Benodigd verzekerd kapitaal (gelijkblijvend)
–
Netto inkomen nabestaande
Uitgaven (woonlasten + overig)
Maandtekort
Alternatief: aflossing hypotheek zodat de woonlasten passen
Resterende hypotheek na aflossing
Annuïtaire maandlast hypotheek vóór / na
Verloop van de behoefte: gelijkblijvend, annuïtair of lineair dalend
| Na jaar | Resterende behoefte (= annuïtair dalend) | Gelijkblijvend | Lineair dalend | Lineair t.o.v. behoefte |
|---|
Scenario B: overlijden van partner B nabestaande: partner A
Netto inkomen nabestaande per maand
€
€
Uit het pensioenoverzicht (partner- en wezenpensioen).
€
Alleen onder voorwaarden (o.a. kind jonger dan 18 of arbeidsongeschikt) en inkomensafhankelijk. Standaard 0: controleer de actuele waarde (UWV/SVB).
Uitgaven per maand
€
Netto maandlast hypotheek (incl. fiscaal effect) of huur.
€
Levensonderhoud, kinderen, auto, verzekeringen.
Bijv. tot kinderen zelfstandig zijn of tot de AOW-leeftijd.
Benodigd verzekerd kapitaal (gelijkblijvend)
–
Netto inkomen nabestaande
Uitgaven (woonlasten + overig)
Maandtekort
Alternatief: aflossing hypotheek zodat de woonlasten passen
Resterende hypotheek na aflossing
Annuïtaire maandlast hypotheek vóór / na
Verloop van de behoefte: gelijkblijvend, annuïtair of lineair dalend
| Na jaar | Resterende behoefte (= annuïtair dalend) | Gelijkblijvend | Lineair dalend | Lineair t.o.v. behoefte |
|---|
Toelichting
Gelijkblijvend of dalend: bij een gelijkblijvend tekort over een vaste periode daalt de behoefte niet lineair maar annuïtair: de contante waarde van de nog resterende tekorten. Een annuïtair dalende dekking met hetzelfde rentepercentage volgt die behoefte precies. Een lineair dalende dekking daalt in de eerste jaren sneller dan de behoefte (kolom ‘lineair t.o.v. behoefte’ negatief = onderdekking). Een gelijkblijvende dekking is het ruimst en dekt ook stijgende lasten of een langere periode, tegen een hogere premie.
Inkomen nabestaande: neem netto bedragen. Het nabestaandenpensioen staat op het pensioenoverzicht; let op of het een risicodekking is die vervalt bij ontslag of wisseling van baan. De Anw-uitkering is er alleen onder voorwaarden (o.a. een kind jonger dan 18 of arbeidsongeschiktheid van de nabestaande) en is inkomensafhankelijk; bij een eigen inkomen is de Anw vaak lager of nihil. Ga daarom niet uit van een vast Anw-bedrag: controleer de actuele waarde (SVB).
Aflossen: veel klanten kiezen ervoor de ORV-uitkering (deels) te gebruiken om de hypotheek af te lossen. Controleer de voorwaarden voor boetevrij aflossen bij overlijden en het fiscale effect (lagere renteaftrek). Kijk ook naar de begunstiging en de fiscale behandeling van de uitkering (bijv. kruislings sluiten i.v.m. erfbelasting).
Compliance: Toets of het verzekerd bedrag past bij de gewenste situatie van de nabestaande en houd rekening met inflatie, stijgende lasten en eventueel extra kosten (kinderopvang, hulp in huis). De uitkomst is indicatief; de voorwaarden van de verzekeraar zijn leidend. Leg de uitgangspunten en de afweging vast in het dossier.